Smart Cities in de praktijk, first things first: connectiviteit

22/09/2016     BLOG     Eddy Van der Stock     951     0

Er is behoefte is aan een “overheidsnetwerk” waarover gegevens en oplossingen met elkaar gedeeld kunnen worden, dit is alvast een discussie die we willen overslaan. Zo, dit is er alvast uit en we noemen het een GCloud. De jarenlange denkoefeningen ten spijt hebben we op vandaag nog geen enkele oefening die zo ver durft te gaan om zowel de federale, de gewestelijke als de regionale en lokale instanties met elkaar te verbinden op een veilige en performance manier. Voor het best bekabelde land met talrijke breedbandoplossingen kan dit tellen. Terwijl men in Zweden - als een van de meest vooruitstrevende digitale landen - nog steeds breedbandoplossingen zoekt, ligt er bij ons aan elke voordeur een een glasvezel - zelfs in de meest rurale gebieden.

Toen men op het federale niveau meer dan tien jaar geleden een netwerktopologie met federale en gewestelijke dienstintegratoren uittekende, was dit alvast het plan om de eigen centrale overheden via een GCloud met elkaar te verbinden. Later kwam via MAGDA een platform waarmee gegevens met elkaar konden gedeeld worden op Vlaams niveau met ankerpunten die bereikbaar waren tot op het lokale niveau. Jammer genoeg is het aansluiten op dit soort platformen ondergebracht in een ieder voor zich strategie.

Slimme steden hebben in de kern dezelfde nood aan gecentraliseerde snel ontsluitbare informatie (data) en een platform waar gecentraliseerde services en oplossingen kunnen gedeeld worden met elkaar - een citaat uit het boek van Pieter Ballon. We hebben het dus over OSLO en over VlaVirGem waar gestandaardiseerde informatie over een collectief platform wordt ontsloten via oplossingen die permanent worden verbeterd in proeftuinen (innovatie) om uiteindelijk gestandaardiseerd aan elk bestuur ter beschikking gesteld te worden. Noem het voor mijn part elke week anders maar in essentie hebben we het plan al jaren op tafel liggen. Wat belet ons dan om aan de slag te gaan? Veel blijkbaar.

Na enkele jaren aan de twee bovenstaande componenten te hebben gewerkt - en hopelijk heeft iemand ook echt geluisterd - komt stilaan het besef dat de eerste stap om dit doel te bereiken onvoldoende “politiek sexy” is om er mee aan de slag te kunnen. Hoe leg je immers uit dat alle overheden op een veilige manier met elkaar moeten verbonden worden, zonder de kritische vraag van de burger te krijgen: "Is dit niet al lang zo en welke meerwaarde krijg ik daarvoor terug?". Laten we eerlijk zijn, we krijgen het niet vertaald zolang we het niet kunnen aantonen.

Als we dezelfde weg blijven inslaan hebben we binnen dit en vijf jaren net zoveel SmartCity silo's opgezet als we ze nu kennen in de huidige overheidsinfrastructuur, en kunnen we alleen maar hopen op een volgende vernieuwingsgolf van technologieën om het degelijk aan te pakken. En dan maar blijven beweren dat Vlaanderen eigenlijk een stadsgewest is op wereldschaal.

Ondertussen krijgen we het blijkbaar wel al uitgelegd dat slimme meters met "rugzakken op stadsduiven" ons milieu doelgericht gaan meten en allerlei voelers enorme hoeveelheden data gaan verzamelen om daar dan doelgericht beleid mee te gaan voeren. OK, zo ver zijn we dus. Mag ik dan nu vragen op welke plaats en via welke kanalen we deze door talloze technologieën versnipperde soorten van informatie met elkaar gaan delen? Right, komen we dus terug op gecentraliseerde services en gestandaardiseerde informatie die we via een collectief medium met elkaar willen gaan delen om correcte beleidsinformatie op te maken.

"Deze golf is de goede ...", let’s go surfing!

We hebben de manier vastgelegd om via slimme regionale proeftuinen stapsgewijs de gekende oplossingen te leren kennen, ze te verbeteren waar nodig en deze te standaardiseren. Nu moeten we van start durven gaan om de Vlaamse Virtuele Gemeente - de SmartCity avant la lettre - ook fysiek uit te rollen. We moeten nu vooral aan de slag!

In een voorzichtige schatting verbinden we met een paar miljoen Brussel met zijn gemeenten via “slimme regio's”, waar de gemeenten op hun beurt met elkaar verbonden kunnen worden. Deze strategie - voor technici lees netwerktopologie - biedt mogelijkheden om met centrale en regionale datacentra de vereiste informatie en oplossingen met elkaar ook effectief te gaan delen, ipv het knip- en knutselwerk waar men al jaren mee bezig is. Waar wachten we op?

Platformen zoals het Antwerp City Platform as a service komen dan wel heel dichtbij als operating systeem van het lokale bestuur. Bouwstenen uit het Vlaanderen Radicaal Digitaal programma liggen plots voor het rapen en de snelweg naar innovatieve trajecten zoals Blockchain ligt meteen open en de discussies omtrent privacy en veiligheid heb je meteen sterker onder controle.

Vanuit een paar vooruitstrevende gemeenten uit de regio Waasland ontvingen we recent de signalen dat het verbinden met elkaar op de tekentafel is terechtgekomen, om lokaal een aantal initiatieven in een andere schaalgrootte te gaan bekijken.

We horen heel graag of er nog meer van dit soort projecten op stapel liggen, verzamelen ze en kijken hoe we vanuit deze ecosystemen de synergie naar lopende projecten kunnen vinden.

Wie zet er de volgende stap naar een Smart Connected City in een SmartFlanders?

Deel deze post:

Reacties (0)

Een reactie toevoegen:

Log in om een reactie te plaatsen, of klik hier om u te registreren!